Cataractchirurgie
De beschreven chirurgische technieken zijn
gevalideerd door meerdere objectieve wetenschappelijke
onderzoeken; de tekst van deze website is erkend en aanbevolen
door de BSCRS (Belgian Society of Cataract & Refractive Surgery).
Deze tekst en uitleg over de chirurgie van
het oog, is het werk van verschillende oogartsen, en kan U ook
vinden in de medische brochures uitgegeven door de BSCRS.
De BSCRS telt 426 leden, allen oogartsten.
De lens (zie Het oog)
wordt na verloop van tijd mat: dit is een natuurlijk verouderingsproces.
De meeste geopereerde cataractpatiënten zijn ouder dan 65
jaar. Maar sommige mensen krijgen veel vroeger te maken met cataract:
diabetici en erg bijziende personen lopen een hoger risico om
vroeger cataract te krijgen. Ook sommige systemische ziekten en
het gebruik van geneesmiddelen (cortisone) kunnen een rol spelen.
Het effect van cataract is dat het zicht vermindert en vager
wordt, het probleem kan niet langer met een bril opgelost worden.
Dan is een chirurgische ingreep noodzakelijk.
De chirurg verwijdert de lens en plaats een kunstlens
op het oog, meestal op de plaats van de oorspronkelijke lens.
Deze ingreep gebeurt onder lokale (of plaatselijke) verdoving:
enkele minuten vóór de ingreep worden een paar druppels
in het oog gebracht. De patiënt krijgt ook een kalmeringsmiddel.
Bij erg zenuwachtige patiënten kan de ingreep ook onder algemene
verdoving gebeuren. In welbepaalde gevallen, zoals bij ernstige
bijziendheid, wordt eveneens geopteerd voor algemene verdoving.
De patiënt mag de praktijk 1 uur na de ingreep al verlaten;
het oog wordt met een speciale protectie afgeschermd.
Een dag na de ingreep moet de patiënt op controle komen
om het oog te laten nakijken en om de druk in het oog te laten
controleren. De patiënt moet ook goed weten hoe hij het oog
verder moet verzorgen (oogdruppels).
Indien nodig, kan het tweede oog kort na het eerste geopereerd
worden.
Na de cataractoperatie is het mogelijk dat de patiënt een
bril moet dragen om het zicht te verbeteren.
Het zicht herstelt snel, de meeste patiënten kunnen de dag
na de ingreep al opnieuw naar de televisie kijken.
Onthoud echter dat de kostprijs van deze ingreep
niet volledig terugbetaald wordt door het RIZIV. Bepaalde steriele
producten die tijdens de operatie gebruikt werden, moeten door
de patiënt zelf bekostigd worden. Een door de patiënt
zelf afgesloten verzekering of een "aanvulling" van
een onderlinge verzekering betaalt die onkosten soms terug.
Folder afdrukken 

|